NOVI-congres: van visie naar uitvoering

09-04-2021
195 keer bekeken 0 reacties

Op 31 maart 2021 heeft de eerste conferentie over de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) plaatsgevonden. Ruimte in Nederland is schaars en maatschappelijk debat over de ruimtelijke inrichting en de kwaliteit van de leefomgeving in Nederland staat hoog op de politieke agenda.

In de Toekomstagenda vallen de projecten over ruimtelijk-economische sturing onder Pijler 3.

Doel van het congres is om jaarlijks de voortgang met elkaar te bespreken over hoe de Nationale Omgevingsvisie tot uitvoering kan worden gebracht. Professor Jos Arts (RUG) is een van de opstellers van de adviesmemo ‘Alles komt terecht in één meerschalige ruimte’ en hij deelde de visie op het congres met de aanwezigen. Jos Arts is tevens lid van het wetenschapsteam Topcorridors.

Adviesmemo

In de adviesmemo van de RUG wordt gepleit om niet alles in de mixer te stoppen bij de uitvoering NOVI, maar te zoeken naar de specifieke regionale mix. Provincies hebben een betrekkelijk flexibel instrumentarium, dat is ontwikkeld vanuit de regionale context en dat snel inspeelt op nieuwe opgaven. Hij baseert dit pleidooi op het feit dat de provincies allemaal verschillende mixen van instrumenten voor integrale sturing op infra en ruimte gebruiken (‘dialect in sturing’). Hierbij haalt hij drie voorbeelden aan van Friesland, Overijssel en Noord-Brabant. De opgave voor het Rijk is om de taal van de provincies en andere partijen te leren. Lees hier Afstemming NOVI, POVI & MIRT fase 2 

Dit is ook de visie die de Topcorridors onderschrijven. De regio is aan zet, er moeten kaders worden afspreken en geïnvesteerd worden in de infrastructuur. Het gaat uiteindelijk om het versterken van de regionale economie.

Overheden kunnen zelf meer doen en regio’s zullen tot afstemming moeten komen. Zo heb je kritische massa nodig en dicht bij (multimodale) infrastructuur liggen. Door te concentreren, clusteren en afspraken hierover met elkaar maken. En door overal dezelfde eisen te stellen, gaan de marktpartijen niet meer naar de concurrent. Zoek de kant van verleiding en vermijdt het opsteken van het vingertje. Ook voor marktpartijen is het nu te vrijblijvend, zij willen meer duidelijkheid.

Pilots

Binnen de Topcorridors zijn we bezig om pilots te starten op het gebied van het effectief en duurzaam inrichten en benutten van bedrijventerreinen. Hierbij is aandacht voor herstructurering brownfields (als locatie voor ‘loodsen’), landschappelijke inpassing, verbetering van de operationele bereikbaarheid, innovatie en energie(transitie). Behalve meer afstemming onderling, denken we hierbij ook aan het samenwerken met kennisinstellingen en scholen.

Onderzoek STEC naar ruimtelijk-economische sturing

In de Toekomstagenda staat pijler 3 in het teken van de ruimtelijk-economische sturing van de knooppunten. We zijn bezig met de vraag of het mogelijk is om gezamenlijke beleidsuitgangspunten (gemeenten, regio’s, provincies, rijk) te formuleren. Iedere partij neemt vervolgens de eigen verantwoordelijkheid die te verwerken in haar beleid en instrumenten voor de komende jaren.

We verwachten medio april het rapport van STEC dat beschrijft hoe de provincies omgaan met de groei van het logistieke vastgoed. Binnen de Topcorridors staat centraal de vraag Hoe kun je sturen? Hoe kun je vraag en aanbod matchen? Hoe kun je de logistiek zo goed mogelijk inpassen en duurzaam vormgeven? We zijn heel benieuwd naar de best practices. STEC voert in opdracht van de Topcorridors een inventariserend onderzoek uit naar de vraag naar bedrijventerreinen, het aanbod en tevens het huidige beleid en ingezette instrumentarium van provincies rondom bedrijventerreinen. Het betreft fact-finding. Alle twaalf provincies doen mee, je ziet dat het meer speelt bij de corridorprovincies.

In het BO Leefomgeving GVC (mei 2021) zullen de betrokken bestuurders bespreken of men de problematiek herkent en wat mogelijke vervolgstappen zijn. Wordt vervolgd…

X (voorheen Twitter)

0  reacties

Cookie-instellingen